13 april. Vandaag is het precies 75 jaar geleden dat Gieterveen werd bevrijd. Bijna 5 jaar had het geleden onder de knoet van de Duitse Wehrmacht met alle gevolgen van dien. Ik had er nog een verhaal over willen schrijven, over hoe de Polen bij De Hilte aankwamen en over hoe de bevrijding verder verliep. Van mijn vader weet ik wel het een en ander en verder van een paar nog in leven zijnde ooggetuigen. Maar het coronavirus gooide roet in het eten. Daardoor konden de struikelstenen aan de Torenveen en de Veenakkers ook niet worden gelegd. Dat ik -en met mij mijn broers en mijn zussen- werden geconfronteerd met de nasleep van de oorlog had te maken met de verjaardag van mijn moeder. Ze werd geboren op 4 mei en dat is de dag dat Nederland de slachtoffers van de oorlog herdenkt. Mijn oom had echter gekozen voor de kant van de Duitsers en omdat ze toch wel verplicht waren ‘s avonds bij mijn moeder op haar verjaardag te komen, was dat altijd een moeilijke avond. Niet alleen voor die oom en tante, maar evengoed voor mijn ouders en de andere gasten. Ik weet hoe mijn moeder daar vaak mee zat. ‘Was’t moar alvast weer veurbie’, zei ze dan met een zucht. Over mijn oom en tante wil ik het verder niet hebben, ze zijn beiden allang uit de tijd, evenzo hun twee kinderloos gebleven kinderen. Niets zou dus in de weg staan om het daar wél over te hebben, want dat is het algemene excuus als het over ‘foute’ Nederlanders in deze tijd gaat: het beschermen (lees: niet extra belasten) van het nageslacht. In het boek ‘Kinderen van de NSB’ van Jannie Boersma laat ze die kinderen -inmiddels ook bejaarden- wél aan het woord. Die verhalen zijn schrijnend. Wie de pod-cast van rtv-Drente over De Hilte 11 heeft gehoord weet dat de familie Nijboer, die op dit adres woonde, door de Bezetter enorm is toegetakeld, maar dat ondanks het verlies van een van de kinderen en de trauma’s bij de andere kinderen er van latere wraak geen sprake was. Dat valt deze mensen zeer te prijzen. De geschiedenis van de familie Nijboer kende ik voor een groot deel al uit mijn jeugd en altijd dook de vraag op of mijn oom ook een aandeel in dat grote verdriet heeft gehad. Ik laat dat nu in het midden, het heeft geen zin daar nu een woord aan te besteden. Tot op het eind van de pod-cast de summiere mededeling wordt gedaan dat de komst van de herdenkingsstenen in de gemeente Aa en Hunze lang op zich liet wachten, omdat het bij dies en gene nogal gevoelig lag . Ik houd mijn mening in deze voor me. Het is niet zinvol oude wonden open te krabben, maar het verbaast me dat met die gevoelens kennelijk minder rekening werd gehouden als er bij de zoveelste herdenking wél optochten met praalwagens om de Bevrijding luister bij te zetten mochten plaatsvinden en dat zo’n 10×10 centimeter groot steentje zoveel jaren na de oorlog nog voor beroering zorgt.
Ik zat mij daar nog een beetje over te verbazen toen ik met ons hondje het dorp in liep en overal vlaggen zag wapperen. Ik wist dat Gieterveen vandaag precies 75 jaar geleden werd bevrijd en dat dit onder normale omstandigheden gevierd zou worden. Zeker wist ik dat. Maar ik had niet verwacht dat met de ellende van de coronacrisis voor ogen mensen de Bevrijdingsdag toch zouden vieren. Al is het maar heel stilletjes. Dat is een goed teken. Alsof ze willen zeggen: ‘We laten ons er niet onder krijgen!’ En wat betreft die struikelstenen: die komen er mettertijd ook wel. Eerst maar es van dat rotte quarantaine- en anderhalvemeterafstandgedoe af zijn en elkaar weer normaal kunnen benaderen. Nou, hou je haaks en tot horens maar weer.
Willem.

Geef een reactie